Ga direct naar inhoud

Nitriet (NO2) in je vijver, herken en los op

Gepubliceerd door ·

Nitriet (NO₂) is een tussenstap in het filterproces. Het biofilter zet ammoniak eerst om naar nitriet, en daarna naar het onschadelijke nitraat. Werkt de tweede bacterie-groep niet goed? Dan blijft nitriet hangen. Nitriet veroorzaakt "bruin-bloed-ziekte": de rode bloedcellen kunnen geen zuurstof meer vervoeren. Boven 1,0 mg/L is nitriet acuut dodelijk.

Wil je weten wat er precies speelt in jouw vijver?

De gratis VijverCheck combineert jouw postcode, watertest en vissoort met actuele weergegevens en 120+ wetenschappelijk onderbouwde regels.

Start gratis diagnose →

Symptomen die je ziet

Mogelijke oorzaken

Alarmwaarden, wanneer actie ondernemen?

Referentiewaarden voor koi en goudvis in NL/BE-tuinvijvers. Oranje = check; rood = direct actie.

Meting OK Alert Urgent, direct actie
NO₂ (nitriet) (mg/L) < 0,1 0,1 - 0,3 > 0,3
KH (°dKH) 6 - 12 4 - 6 < 4
NO₃ (volgstation) (mg/L) < 25 25 - 50 > 50
Chloride (Cl⁻) (mg/L) - - verhogen tot 6:1 ratio Cl⁻:NO₂

Wat kun je NU doen?

  1. Doseer zout: 0,3% (3 gram per liter). Het zout blokkeert de opname van nitriet via de kieuwen. De bruin-bloed-vorming stopt direct. Maximaal 7 dagen gebruiken, anders stressen waterplanten.
  2. Ververs 30 tot 50% water. Gebruik ontchloord leidingwater. Dit verdunt het nitriet direct.
  3. Gebruik een bacteriestarter. Dat versnelt het aangroeien van het filter. 2 keer per week, 4 weken lang.
  4. Stop met voeren tot nitriet onder 0,2 mg/L staat. Geen nieuw voer = geen nieuwe ammoniak. Het filter kan dan bijkomen.
  5. Meet elke dag ammoniak én nitriet. Bij een filter in opstart is dagelijks meten essentieel om op tijd in te grijpen.

Wetenschappelijke achtergrond

Kroupova et al. (2005, Veterinární Medicína 50:461-471) documenteerden de nitriet-methemoglobine-mechanisme: NO2 passeert kieuw-epitheel via het Cl-/HCO3- transport-systeem, oxideert Fe2+ naar Fe3+ in hemoglobine → methemoglobine, dat geen O2 kan dragen. Chloride-zout-behandeling (0.3%) blokkeert de opname competitief en is de standaard acute therapie (Wedemeyer 1996, Physiology of Fish in Intensive Culture Systems).

Precieze diagnose voor jouw vijver?

Gratis, op basis van jouw postcode, vissoort en watertest.

Start de gratis VijverCheck →

Veelgestelde vragen

Waarom helpt zout?

Chloride-ionen uit NaCl concurreren met nitriet bij de opname in de kieuwen. Bij 3 g/L is de Cl:NO2-ratio hoog genoeg om opname vrijwel volledig te blokkeren.

Hoe lang mag ik zout gebruiken?

Max 7-10 dagen. Daarna wordt het stressvol voor waterplanten en sommige vissoorten (steur is zout-tolerant, goudvis gevoeliger).

Wanneer is filter "rijp"?

Na 6-8 weken stabiele NH4 <0.2 EN NO2 <0.2 EN detecteerbare NO3 (>5 mg/L, bewijs van complete nitrificatie).

Gerelateerde vijverproblemen

Begrippenlijst, veelgebruikte termen uitgelegd
Nitrificatie.
Tweestaps bacterieel proces waarin ammoniak (NH₃) eerst wordt omgezet in nitriet (NO₂⁻) door Nitrosomonas en daarna in nitraat (NO₃⁻) door Nitrobacter / Nitrospira. Kern van elk biologisch vijverfilter.
Nitrosomonas.
Geslacht van aerobe bacteriën die ammoniak oxideren tot nitriet. Actief vanaf ~6 °C, optimum rond 25 °C.
Nitrobacter / Nitrospira.
Bacteriën die nitriet omzetten in het veel minder giftige nitraat. Komen in de tweede helft van de filtercyclus op gang.
Fytoplankton / Chlorella.
Eencellige groene algen die in suspensie zweven en water groen kleuren. Chlorella is het meest voorkomende geslacht in Nederlandse vijvers.
Methemoglobine (bruin-bloed).
Vorm van hemoglobine die geen zuurstof kan binden. Ontstaat bij nitrietvergiftiging, kieuwen en bloed krijgen een chocolade-bruine kleur.
Secchi-diepte.
Eenvoudige maat voor water-helderheid: de diepte waarop een zwart-witte schijf net zichtbaar blijft. <30 cm = sterk troebel.
KH (carbonaatharder).
Buffercapaciteit van het water tegen pH-schommelingen. Uitgedrukt in °dKH, streefwaarde 5-8 voor koi en goudvis.
Dechlorinator.
Middel dat chloor en chlooramines in leidingwater neutraliseert (meestal natriumthiosulfaat-basis). Onmisbaar bij elke waterwissel.
Torpor (winterrust).
Sterk verlaagde-metabolisme-toestand waarin karperachtigen bij <8 °C maanden nagenoeg onbeweeglijk op de bodem doorbrengen.
GH (totale hardheid).
De hoeveelheid opgeloste calcium + magnesium in het water. Bepaalt 'zachtheid'. Uitgedrukt in °dGH. Streefwaarde 8-14 voor koi en goudvis; <5 = te zacht (spierkramp-risico), >20 = te hard.
NH₃ vs NH₄⁺ (ammoniak-speciatie).
Ammoniak komt in twee vormen voor. Bij pH <7 is bijna alles onschadelijk NH₄⁺. Bij pH 8,5 + 25 °C is ~15% het giftige NH₃ (<0,02 mg/L is veilig). Pas daarom altijd op combinatie hoge pH + hoog totaal-ammoniak.
Cyanobacteriën (blauwalg).
Geen echte alg, maar bacterie. Vormt blauwgroene drijvende laag, vaak met muffe geur. Anders aanpakken dan groen water: UV-C werkt beperkt; toxine-risico voor mens en hond. Verwijder fysiek + fosfaatbinder.
Q10-regel.
Bij elke 10 °C temperatuur-stijging verdubbelt bacteriële (en visfysiologische) activiteit. Verklaart waarom ammoniak-pieken in de zomer sneller optreden én waarom nitrificatie in het voorjaar langzaam op gang komt.
Diel O₂-schommeling.
Natuurlijke zuurstof-cyclus over 24 uur: piek rond 16:00 (fotosynthese), minimum rond 04:00-05:00 (respiratie zonder zonlicht). In vijvers met veel algen kan de nachtelijke dip tot <3 mg/L zakken, dodelijk voor koi.
Flashing.
Gedrag waarbij vissen zich snel op hun zij draaien en tegen bodem of objecten schuren. Vrijwel altijd teken van externe parasieten (costia, trichodina, sleeps), huidirritatie of kieuw-pijn. Onderzoek kieuw- en slijmafstrijk bij dierenarts.
TDS (total dissolved solids).
Totaal opgeloste stoffen in mg/L, zouten, mineralen, organische resten. Meetbaar met conductiviteits-meter (µS/cm × 0,65). Koi-vijver normaal 200-600 µS/cm; sterke stijging = regen-/leidingwater-tekort of accumulatie.
PAR (photosynthetically active radiation).
Het deel van zonlicht (400-700 nm) dat algen en waterplanten gebruiken voor fotosynthese. Bepaalt algen-groeisnelheid. Direct zonlicht op vijver >4 uur/dag = hoge algen-druk; gedeeltelijke schaduw beperkt groei.